Home Politics Jerehm Campbell (MEP): Drieënveertig jaar na invoering van het gedoogbeleid in...

Jerehm Campbell (MEP): Drieënveertig jaar na invoering van het gedoogbeleid in Nederland (deel 1)

SHARE

 

 

Historie vooraf aan implementatie van het gedoogbeleid

Het GEDOOGBELEID in Nederland komt voort uit hun TWEESLACHTIGHEID. De Tweeslachtigheid bestaat historisch al eeuwen geleden: navolgend twee voorbeelden hiervan:

  1. Vier eeuwen geleden heeft Nederland een 80-jarige oorlog tegen Spanje gevoerd om niet gekoloniseerd te worden.   Maar Nederland vocht zelf diverse oorlogen tegen de West-Europese landen om het bezit van de wereld koloniale handel: drie (3) oorlogen tegen Engeland, waardoor Suriname uit de Guyana ’s werd onderhandeld als Nederlands bezit en Peter Stuyvesant, voorzitter van de West-Indische Compagnie, de grootste slavenhandel organisatie, uit Nieuw-Amsterdam, wat Nederlands bezit was, werd geschopt door de Engelsen en Nieuw-Amsterdam de naam van New York kreeg. Tijdens de guerrilla-oorlog van Soekarno/Indonesië tegen het koloniale Nederland, gebruikte het Koloniaal-Nederlands-Indisch-Leger (KNIL) Molukse soldaten om tegen hun landgenoten de Indonesiërs te vechten. Ook na de onafhankelijkheid van Indonesië wilde Prins Bernard een tegencoup plegen en gebruikte weer Molukkers, maar de tegencoup werd verijdeld door de toenmalige Nederlandse premier Willem Drees en de Molukkers werden voor hun veiligheid naar Nederland gebracht en in barakken gestopt, gediscrimineerd en valse beloften gedaan voor een Molukse republiek binnen Indonesië. Zie je hier een voorbeeld van tweeslachtigheid?
  1. Er duikt in de geschiedenis, tijdens de 80-jarige oorlog, opeens een figuur op, geheten Willem van Oranje, die, hoewel vermoord door de Spanjaarden, de latere “Godfather ”van het Koningshuis blijkt te zijn. In hun volkslied (Nationale Volkslied) zijn zij van Duitse bloed, maar …de koning van Spanje heb ik altijd geëerd! Wat ben je dan eigenlijk?  De tweeslachtigheid gaat door want Nederland ontwikkelt enerzijds een DEMOCRATIE, waarbij alle organen democratisch gekozen worden, maar de ARISTOCRATIE, het Koningshuis, wordt niet democratisch gekozen en heeft de macht: alle beslissingen/documenten van de regering worden ondertekend door de Koning(in): “IN NAAM VAN DE KONING(IN)”!  Zie je de TWEESLACHTIGHEID??

 

Omdat de Nederlandse autoriteiten het niet aankunnen tegen de “GEHEIME HAND ACHTER DE SCÈNE (The SECRET HAND BEHIND THE SCENE)” wordt het “GEDOOGBELEID “begin de jaren ‘70 ingevoerd!   DE TWEESLACHTIGHEID IN NEDERLAND WORDT NU CRIMINEEL VERSTERKT! Voordat de drugshandel begint te bloeien, richt het gedoogbeleid zich eerst op het verlagen van de straffen: gevangenen krijgen televisie in de cel en zij mogen hun vrouw/echtgenote op de kamer ontvangen, het strafbeleid wordt “gehumaniseerd”!   Gevolg is, dat dit begin van het gedoogbeleid ertoe leidt, dat in de jaren 70 Nederland wordt overspoeld met overvallen van Oost-Europese criminelen, vooral Joegoslaven die de georganiseerde misdaad in Amsterdam beheersen, want zij weten, als zij gepakt worden, de straffen het laagst zijn in Nederland.

 

Invoering van het gedoogbeleid jaren 70:

Het gedogen van wiet heeft een groot effect gehad op de Nederlandse samenleving. Er is sindsdien een omvangrijke legale markt ontstaan voor hennep. Maar de bevoorrading van die markt is nog altijd illegaal. Daardoor is een grote, ondergrondse hennepindustrie ontstaan. Een grijze economie waarin vele duizenden Nederlanders hun brood verdienen. Er zijn thuistelers in alle soorten en maten. Er zijn runners, plukkers, snijders en pakkers. 

Maar er wordt ook op industriële schaal wiet geproduceerd voor de export. Dat maakt de hennepindustrie onmiskenbaar tot een machtsbasis voor de georganiseerde misdaad. De illegale productie van hennep leidt tot serieuze problemen en ondermijnt in bepaalde delen van Brabant en Limburg het overheidsgezag.

Gemeentebesturen zoeken al jaren naar praktische oplossingen, zoals gecontroleerde wietteelt. Echter met steun van een meerderheid in de Tweede Kamer wordt het softdrugsbeleid nog steeds aangescherpt. Zo kwam er onlangs een verbod op de verkoop van hennep aan buitenlanders en wordt er nu gewerkt aan plannen om wiet met een hoog THC-gehalte (THC is de werkzame stof) als harddrugs te kwalificeren.

Of het gedoogbeleid echt iets heeft opgelost is de vraag. En zo blijft de paradox bestaan: wiet verkopen en gebruiken mag – onder voorwaarden. Maar het produceren van wiet mag niet – onder geen voorwaarde. Waar komt die paradox vandaan en is deze juridisch wel houdbaar?

Over de paradox die was ontstaan – bezit niet strafbaar, handel wel – werd met geen woord gerept. „Het doel was het decriminaliseren van het bezit en gebruik van cannabis”, en het scheiden van de markten voor soft- en harddrugs. In de praktijk betekende het dat iemand voor het bezit van maximaal 30 gram cannabis geen strafblad meer kreeg. Hasjbezit werd vergelijkbaar met rijden door rood; je kon er hoogstens een boete voor krijgen. 

 

Het gedoogbeleid heeft thans ervoor geleid dat Drugs om twee redenen voor criminologen een belangrijk fenomeen vormen. De eerste is dat het produceren, verkopen of bezitten van drugs bij de wet verboden is. De tweede reden is dat het gebruik, casu quo misbruik van sommige drugs als oorzaak wordt gezien van bepaalde vormen van crimineel gedrag. Zo verklaart de ontremmende werking van drugs waarom deze stof zo’n grote rol speelt bij gewelds- en verkeerscriminaliteit. Geschat wordt dat in Westerse landen ongeveer de helft van de daders en slachtoffers van geweldscriminaliteit tijdens het plegen van het delict onder invloed van drugs is. 

 

Cocaïne en amfetamine hebben een ontremmende werking die crimineel gedrag bevordert. Daarnaast geldt dat drugsgebruikers in landen waar drugsgebruik verboden is, crimineel gedrag plegen om aan het benodigde geld te komen. In dat geval spreekt men van verwervingscriminaliteit. Tenslotte is er uiteraard de criminele handel in verboden drugs.